Column - Gezins-/visvakantie
maandag, 19 juli 2010
Neem alleen al het inpakken van de auto. Als wij op vakantie gaan, dan wil ik zoveel mogelijk vismateriaal mee. Zie daar het eerste conflict met het inpaklijstje van mijn vrouw. Wanneer het ‘inpak conflict’ escaleert, dan kunnen we dit lijstje zo kopiëren voor bij de notaris – onze halve inboedel staat er op. Ieder hoekje opbergruimte in de auto betekent discussie. Mijn vrouw pleit voor haar tupperware, ik voor een extra emmertje boilies. Wie op jacht gaat, moet immers patronen mee.
Met de achterbumper net boven het asfalt en koplampen die de hemel in schijnen, vertrekken we naar Frankrijk. Heerlijk zo’n lange reis met twee kinderen die bij Zwolle al beginnen te jammeren over de vismeelgeur in de wagen. En dan het moment dat mijn vrouw de wegenkaart opent. Gelukkig ligt er een groot foedraal dwars door de auto zodat ik haar niet kan zien. Hoe een foedraal je huwelijk kan redden.
Na twee dagen achter het stuur te hebben gezeten, kan ik eindelijk vissen. Op een overbevolkt karperputje naast de camping. Het is een groene poel van ureum en factor dertig. Het viswater ziet er héél anders uit dan in de folder. ‘De toiletten zijn in ieder geval schoon’, aldus mijn vrouw. Fijn hoor. Als karpervisser ben ik wel gewend om tussen de brandnetels mijn behoefte te doen, dus wat interesseren mij die toiletten?
Onze buurman begint na twee dagen al te klagen over de stank van de drogende leefnetten. Om zijn woorden kracht bij te zetten ontbloot hij zijn bovenlichaam en laat zijn John de Wolf tattoo zien. Diezelfde nacht nog laat ik mijn kinderen een emmer boilies rondom zijn caravan strooien. Hopelijk komt er veel ongedierte op af. Heb ik toch nog plezier van mijn vakantieboilies.
Herwin Kwint is auteur voor diverse karperbladen en publiceerde onder meer in ‘Een woord van zwijgen’.
-> Meer columns

